Hoe gaat het?
Lisi: Heel goed. Ik heb enorm veel zin om te starten met de creatie van RAFAGA en ik heb er zin in. Ik werk graag in korte, intensieve blokken. Dat format is ook perfect voor de performers; zij zijn allemaal heel verschillend en hebben andere behoeftes.
Mariana: Het is fijn om het hele creatieproces te kunnen meemaken. Bij Lisi’s vorige voorstelling, What we can do together, die in februari 2025 in hetpaleis te zien was, raakte ik pas later betrokken. Ik had geen idee hoe de voorstelling was ontstaan en opgebouwd. Nu voelt het als een cadeau om van bij het begin te ervaren hoe Lisi met de groep werkt en hen stimuleert.
Op welke manier doet ze dat?
Mariana: Er is een grote openheid. Lisi probeert elk voorstel uit de groep te begrijpen en er iets mee te doen. Ze legt op een heel natuurlijke manier uit wat ze wil en ze toont hoe we dat kunnen bereiken. Ze maakt geen onderscheid tussen zichzelf en de performers. We zijn verschillend, maar werken samen. Ze geeft ons tijd en vrijheid.
Lisi: Later in het proces komt er misschien iets meer druk te liggen, maar het begin van de repetitieperiode voelt als een echte speeltuin. Anything can happen.
In What we can do together creëerde je een paradijs op het podium. Ga je dat nu opnieuw doen?
Lisi: Het wordt een heel andere voorstelling, maar er zit wel iets utopisch in mijn werk de jongste jaren. Het publiek moet deel willen uitmaken van die wereld op scène. Het is een paradijs vol spanningen, dat toont hoe het zou zijn als we daadwerkelijk omgingen met verschillende soorten mensen, niet alleen met wie ook in onze bubbel leeft. Dat is geen politiek statement, maar wel een subtiele boodschap.
Waar staat “rafaga” eigenlijk voor?
Lisi: Rafaga is een plotse wind die verandering en transformatie in gang zet. Het is iets wat van buitenaf komt, wat we niet kunnen controleren. Voor mij heeft het ook te maken met de natuur en hoe we daar als stadsmensen naar kijken, en over de toekomstfantasieën van de performers. Als een soort sciencefiction wil ik mogelijke realiteiten ensceneren. Wat is er mogelijk na het einde van de wereld?
Hoe belangrijk is de samenstelling van je cast?
Lisi: Het allerbelangrijkste. Ik werk niet alleen samen met verschillende lichamen, maar ook met verschillende manieren van denken. Het gaat om wat hún fantasieën zijn, waarover zij willen praten, wat zij willen verdedigen op het podium.
Je werkt deze keer ook met kinderen op scène.
Lisi: Klopt. Maar ik zie weinig verschil in het werken met volwassenen. Ik behandel iedereen op dezelfde manier, ik geef hen dezelfde instructies. Eigen aan de meeste kinderen is dat ze amper filters hebben. Als ze droevig zijn, zijn ze droevig. Als ze iets niet leuk vinden, zeggen ze dat gewoon. Ik hou van hun eerlijke communicatie.
Mariana: Voor mij was het wel even wennen. Ik had nog nooit met kinderen gewerkt. Ze hebben zoveel energie en zoveel te zeggen (lacht). Maar zodra ik de klik had gemaakt van “dit zijn kinderen” naar “dit zijn dansers”, kon ik er erg van genieten.
Hoe vind je jouw dansers, Lisi?
Lisi: Met sommige dansers werk ik al lang samen, anderen vind ik via inclusieve dansgroepen zoals Platform K. Mariana heb ik ontmoet via een inclusieve organisatie uit Madeira toen ik iemand zocht die een rolstoel gebruikt. Ik zag een aantal beelden van haar en wist meteen dat ik niet verder moest zoeken.
Wat betekent dansen voor jou, Mariana?
Mariana: Ik begon ongeveer twintig jaar geleden met dansen, toen een vriendin me uitnodigde voor een workshop inclusieve dans. Ik schrok van het aantal deelnemers want in Mozambique zag je toen zelden iemand met een beperking op straat. Ik voelde me er heel ongemakkelijk en nam mezelf voor om niet meer terug te keren. Maar vier dagen later stond ik er toch weer, om te “kijken”. De choreograaf, Panaíbra Gabriel Canda, gaf mij heel veel tijd. Hij moedigde me aan om niet in mijn rolstoel te blijven, maar om de grond te gebruiken. In het begin voelde ik me daar heel klein. Maar nu gebruik ik die ruimte, kan ik er heel snel bewegen. Het is mijn vrijheid geworden. Ik ben nooit meer gestopt met dansen.

“Platform K is een dansorganisatie voor mensen met een beperking, die vaak geen plek krijgen in het regulier dansonderwijs”, vertelt artistiek coördinator Inge Lattré. “Mensen met talent voor beweging kunnen bij ons terecht om zichzelf tot professioneel danser te scholen en later een eigen artistiek parcours uit te werken.”
Platform K vertrekt vanuit het idee dat als je nooit mensen met een beperking op scène ziet, je ook niet weet dat het mogelijk is. De organisatie kiest er bewust voor om geen apart circuit te creëren, maar in de reguliere kunstensector mee te draaien. “Alles begint met een dansopleiding”, verduidelijkt Inge. “Verder maken we gebruik van een iets andere productielogica en wat tragere processen.”
Lisi Estaras en Platform K werken al samen sinds 2016. In RAFAGA zullen ook een aantal Platform K-dansers performen, voor het eerst ook een kind. “Onze ondersteuners zorgen voor de verplaatsingen van de dansers. Maar ze vertalen tijdens repetities ook Engels naar Nederlands, of abstracte naar concrete taal”, vertelt Inge. “Ze houden in de gaten wanneer mensen het moeilijk hebben, communiceren met het netwerk en/of de ouders van de dansers en lossen andere vraagstukken op. Zo kan Lisi zich concentreren op de creatie.”
